De vergeten helden

‘Jan 33’: een man die zijn vrouw en kinderen ‘verloor’.

In de serie ‘De gezichten achter de knokploeg Westland’ passeren voornamelijk onbekende leden van het (gewapend) verzet uit de regio de revue. Dit keer gaat de aandacht uit naar ‘een goeie’ bij de politie, ‘Jan 33’. Iemand die 85 jaar geleden op 6 november 1944 gefusilleerd werd op de Waalsdorpervlakte, samen met enkele andere leden van de Landelijke Knokploeg en van de knokploeg Westland. Iemand die door zijn illegale activiteiten al maanden in de omgeving van zijn woonplaats Delft ondergronds actief was en continue wisselde van onderduikadres. Iemand die zijn vrouw en kinderen ‘verloor’. Wie was deze ‘Jan 33’ en wat was zijn rol in het (gewapend) verzet?

Het gezin

Jan van der Sloot zag het levenslicht in de stad Rotterdam in de winter van 1911 tijdens een zachte winterse dag op zaterdag 18 februari. Jan was de oudste van de vijf kinderen uit een gezin van gereformeerde huize. Zijn vader zorgde voor het inkomen als (hulp)onderwijzer en zijn moeder hield het gezin draaiende.

Huwelijk

Rond 1930 kwam Jan van der Sloot terecht in Capella a/d IJssel voordat hij verhuisde naar Delft in het najaar van 1937. In die tussentijd stapte hij op een winderige en frisse dinsdag in december 1934 in het huwelijksbootje met mejuffrouw Allie van Meesen. Toen het gezin in de stad Delft woonde, werkte Jan eerst bij een bedrijf dat richtapparatuur maakte voor allerlei doeleinden, waaronder voor militaire doeleinden. Niet veel later werd Jan uitgenodigd om te komen werken bij de politie in Delft. Het beviel hen beiden en na een jaar kwam Jan in vaste dienst bij de Delftse politie en begon hij als agent tweede klas. Hij voelde zich daar als een vis in het water en hierdoor kwam Jan met regelmaat in aanmerking voor promotie vanwege zijn capaciteiten en vaardigheden.

Geloofsleven

In hun woonplaats kerkte het jonge echtpaar in de gereformeerde Westerkerk aan de Hugo de Grootstraat. Richting het einde van de jaren dertig werd Jan van de Sloot in zijn kerk voorgedragen voor het ambt van diaken. Een taak die door het echtpaar met enthousiasme ontvangen werd en die Jan met dankbaarheid op zich nam.

De Landelijke Hulp voor Onderduikers (LO)

Al vrij snel na de bezetting raakte het echtpaar betrokken bij de illegaliteit in hun woonplaats. Dit niet alleen vanwege Jan zijn werkzaamheden bij de politie, maar ook door zijn ambt als diaken binnen de Gereformeerde Kerk. Samen met enkele bekenden uit Delft, waaronder de advocaat Cees Chardon en Aad van Rijs, zetten zij zich in voor de verspreiding van illegale lectuur, waaronder Vrij Nederland en later het blad Trouw. Maar als snel hielpen zij ook mensen die gezocht werden door de Duitsers en een dak boven hun hoofd nodig hadden, in het bijzonder gold dit voor hun Joodse landgenoten. Ze trokken vaak gezamenlijk op en met een groepje mensen uit de regio vochten zij voor een zaak van leven en dood. 

‘Bertus’

Via de samenwerking en de onderlinge contacten tussen de LO Westland en Delft raakte ‘Jan 33’ betrokken bij de knokploeg Westland. Door deze contacten en de totstandkoming van de Landelijke Knokploeg in het de zomer van 1943, kwam ‘Jan 33’ ook in beeld bij ‘Bertus’. Door deze contacten werd ‘Jan 33’ actief binnen de knokploeg Westland. Na onderling overleg besloot de knokploeg een overval te plegen op een politiebureau in Delft, gelegen aan de Oude Delft 69. Deze overval was een succes, want behalve een groot aantal wapens, lukte het de knokploeg om enkele gearresteerde Joden te bevrijden, evenals enkele gevangengenomen leden van de LO Delft.

Wegen scheidde zich

Enkele maanden na de overval op het politiebureau in Delft moest ‘Jan 33’ onderduiken. Hoewel hij niet meer thuis kon komen, bleven beiden zich actief inzetten voor de LO/LKP in Delft en omstreken. Vanwege zijn werkzaamheden voor verschillende knokploegen in de regio als verbindingsofficier tussen de knok-ploegen in Delft, Rotterdam en het Westland werd hij een ‘bekend gezicht’ binnen de LKP. Uiteindelijk lukte het de Sicherheitsdienst (SD) om ‘Jan 33’ in oktober 1944 te arresteren bij een centrale ontmoetingsplek in Den Haag. De SD nam hem vervolgens stevig onder handen en uiteindelijk kwam ‘Jan33’ terecht in het beruchte Oranjehotel in Scheveningen.

6 november 1944

Nadat ‘Jan 33’ enkele weken gevangen zat in het ‘Oranjehotel’, werd hij op 6 november 1944 uit zijn cel gehaald en naar de Waalsdorpervlakte gebracht, samen met enkele andere bekende verzetsstrijders. Op die plek werden zij vervolgens doodgeschoten. Aanleiding voor deze moordpartij blijft onduidelijk, maar zeer waarschijnlijk stonden zij op de lijst als ‘Todeskandidaten’.

Wrang

Pijnlijk en triest is dat ‘Jan 33’ vanaf de overval op het politiebureau nog slecht een enkele keer bij zijn vrouw en zijn gezin was. Hij zag hen zelden, maar beiden geloofden in de zaak waarvoor zij ‘vochten’. ‘Jan 33’ wist niet dat zijn vrouw zwanger van hem was, mede omdat zij in de zomer van 1944 voor de zekerheid met haar kinderen moest onderduiken ergens in Noord-Brabant. Pas toen zij na de bevrijding met haar kinderen terugkeerde in haar woonplaats Delft, hoorde ze dat haar man was gefusilleerd.

Deel dit bericht:

Overige berichten